Er waren meer dan 650 huismeesters op de Dag van de Huismeesters. Wat vonden ze van de dag? En klopt het dat het vak steeds socialer wordt? We vroegen het tijdens de Dag van de Huismeester.
‘Het is leuk om eens te kijken wat beroepsgenoten doen, elkaar te ontmoetten en ervaringen uitwisselen. Minister Vogelaar heeft goed begrepen wat onze functie inhoudt’, vindt Jan van ’t Hof, huismeester bij de Alliantie Gooi en Vecht.
‘Ik weet precies wat er gebeurt achter de voordeur van mijn bewoners’, zegt huismeester Peter Walter van Ymere. Hij bevestigt dat praten met bewoners de hoofdmoot van zijn werk vormt. Daaraan heeft hij wel moeten wennen. ‘Hiervoor was ik trucker. Als iemand dan een praatje wilde maken, dacht ik: schiet op, ik heb werk te doen. Maar nu is praten mijn werk.’
‘Ze denken dat een huismeester de hele dag lampjes indraait maar dat is niet zo’, aldus Ike den Adel, Vestia Rotterdam.
‘Het contact met mensen, het werken met mensen, dat is zo belangrijk aan dit vak’, vindt Gusta Postma van Wonen West Brabant uit Bergen op Zoom.
Anneke Baaijen van Wonen West Brabant: ‘Als wijkhuismeesters mogen wij ver gaan. Zo had ik een bewoonster waarvan ik dacht dat ze dement was. Ik ben bij haar binnen gegaan en heb de dokter gebeld en haar dochter. Onze rol is heel sociaal.’